The flippening: is it happening?

Aldus AMDAX / serge

Terwijl de lente helaas nog op zich laat wachten, is het altcoinseizoen inmiddels overtuigend losgebarsten, met Ethereum als onbetwiste leider aan kop. Afgelopen maandag was het verhandelde volume in opties op het handelsplatform Deribit in Ethereum zelfs hoger dan in Bitcoin, en dat hebben we nog nooit eerder gezien. In de afgelopen twee weken steeg de eurowaarde van Ethereum van € 1.800 naar € 2.800 terwijl Bitcoin nauwelijks van zijn plaats kwam. Met zulke klinkende resultaten komen we in de buurt van the flippening: het moment waarop de totale marktwaarde van Ethereum groter is dan die van bitcoin. Deze cryptovaluta’s zijn echter geen communicerende vaten; zij kunnen juist prima naast elkaar bestaan, als appels en peren of honden en katten. Ethereum is fundamenteel anders dan bitcoin, maar waar zit ‘m dat verschil nu in?

Ere wie ere toekomt: Bitcoin is en blijft de eerste cryptovaluta, die een grote revolutie ontketende voor de digitale economie. Alle altcoins die daarna het levenslicht hebben gezien – en wier licht soms even snel weer doofde – zijn afgeleid van de technologie die Satoshi Nakomoto introduceerde. Maar waar Bitcoin echt de functie heeft van digitaal geld en gericht is op waardeoverdracht en -opslag, gaat het bij Ethereum om de waarde van het netwerk zelf. Het concept dat aan dit platform ten grondslag ligt, is de zogenoemde ‘smart contracting’. Met behulp van deze technologie kunnen twee partijen een overeenkomst met elkaar sluiten zonder verdere menselijke interventie, omdat alle contractvoorwaarden geprogrammeerd en versleuteld zijn bovenop de blockchain. Ethereum is dus niet zozeer een munt, maar eerder een token waarmee gebruikers en investeerders hun vertrouwen uitspreken in het netwerk en in de technologie daarachter.

Onlangs zagen we daar een mooi voorbeeld van, toen de European Investment Bank (EIB) voor het eerst een obligatie uitgaf die werd geregistreerd op het Ethereum netwerk. Alle contractvoorwaarden van dit financiële product liggen vast in de tokens: het moment van koop, de aanschafwaarde, de termijn en de waarde bij uitkering. De afwikkeling van het contract wordt dus volledig afgedwongen door het systeem zelf, zonder betrokkenheid van allerlei backoffices die normaliter de details met elkaar afstemmen. De administratiekosten gaan hierdoor significant omlaag. Dat een financiële speler van deze omvang instapt, die wereldwijd jaarlijks zo’n € 60 miljard aan leningen verstrekt, is veelzeggend. Natuurlijk, met de € 100 miljoen die hiermee gemoeid zijn, steken ze slechts voorzichtig en aftastend hun teen in het water. EIB loopt echter vaak voorop in de markt, dus deze stap wordt door de klassieke financiële wereld beschouwd als een groot blijk van vertrouwen, waarvan een aanstekelijke werking uitgaat.

Aan de vraagkant zien we dus een toenemende interesse in Ethereum. Enerzijds van institutionele partijen die na Bitcoin verkennen wat er nog meer in de cryptowereld te koop is. Anderzijds van mensen die overtuigd zijn van de kracht van het platform en de vele toepassingen die zich daarvoor lenen. Tegelijkertijd beweegt ook het aanbod. De open source techniek achter Ethereum is namelijk niet gebaseerd op een gefixeerd protocol, maar staat verbeteringen en updates toe in de broncode. Onlangs werd bijvoorbeeld EIP-1559 aangekondigd als belangrijk onderdeel van ‘The London Upgrade’. De implementatie zorgt er onder andere voor dat de gas fee (de transactiekosten, uitgedrukt in Ethereum) ‘geburnd’ wordt. Er worden dus Ethereums uit circulatie genomen, waardoor het totale aanbod niet meer groeit of mogelijk zelfs afneemt. Dit zorgt voor een rem op de inflatoire tendens van Ethereum en naar verwachting ook voor een opwaartse druk op de prijs.

We zien nu dat de markt hierop voorsorteert, met een koers die al wekenlang gestaag oploopt. Of het daadwerkelijk tot een flippening zal komen valt nog te bezien, want momenteel vertegenwoordigt Ethereum ‘slechts’ 38% van de marktwaarde van Bitcoin. Toch al een enorme sprong, als je bedenkt dat dit in 2019 nog maar 9% was…